er was eens een kikker die werd steeds dikker
hij zat op een lotusblad en keek wat rond
bewegingsloos zat hij te zijn
hij wachtte niet en hoefde nergens heen
zon of maan, het was hem om het even wat er scheen
hij was er en dat vond hij wel oké en soms ook fijn
onbewogen door moeten of mogen sprong hij niet door hoepels of bogen
hij verspilde geen tijd
want hij verbleef in dat wat tijdloos was
hij hoefde er niet naartoe en kon er niet van weg
het eeuwige was zijn thuis en daarin verscheen soms het een en dan het ander
wat was hij anders dan dat waarin wat verschijnt ook weer verdwijnt
wat zou hem moeten bewegen, waarom zou hij moeten produceren of copuleren
als dat slechts vormveranderingen zijn die worden waargenomen en plaatsvinden
in dat wat hij is
hij hoeft niet gekust, hij is geen prins, hij is geen sprookje
zij heeft een gaatje en hij heeft een pookje
maar hij is geen radertje in het rad van bestaan
hij is geen gevolg van een oorzaak die hij dient te ontdekken
hij is het oorzaakloze wat vooraf gaat aan zijn en niet-zijn
hij speelt alle rollen in elk verhaal
en kan zichzelf vergeten in het tijdelijke, in kikker of lotus
maar zal altijd weer wakker worden als zichzelf.
wanneer het lotusblad de kikker kust en de kikker het lotusblad
een libelle voorbij vliegt en een takje valt wat het water doet golven
is dan niet alles volbracht
of moet er nog een wind waaien, een storm opsteken en de natuur in brand staan
leeft de kikker misschien toch in een sprookje en is er een boze heks
die kruimels heeft gestrooid en mensenkinderen laat eten van een besmette substantie die hun cellen doet veranderen en de geest en materie doet wijzigen
is hij in slaap gesust door het uiterlijk vertoon van de gemanifesteerde wereld
moet hij springen, kwaken en een knapzak maken, op reis en op onderzoek
zijn alle poelen en meren op aarde wel in vrede en rust, is er ergens een prinses
die hem wakker kust
het briesje over zijn poel bracht de geur van verschroeide heide en bomen
en al wist hij wat hij was en hoefde hij dat niet te bereiken, hij nam de rol van kikker aan en sprong aan wal, zonder dat hij wist wat zou komen
twee andere kikkers volgde zijn spoor en de rest was verschrikt aan het kwaken
of staarden stoïcijns voor zich uit
zijn kikkerlijf was blij met de beweging en de energie golfde door zijn lijf en geest
kwaak, kwaak, kwaak.


Ontdek meer van Captain's Log. Jortus.

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.